Sierra Leone

Wat is er aan de hand?

Het in 1961 onafhankelijk geworden Sierra Leone kent als hoofdstad Freetown gesticht door de ‘bevrijde slaven uit Londen’. Dertig jaar na de onafhankelijkheid raakte het land verwikkeld in een grote burgeroorlog, die ruim tien jaar zou duren. De hoofdinzet van de oorlog waren de de macht over het land en de aanwezige diamantmijnen. De machtsstrijd resulteerde in duizenden doden en vele kinderen die ingezet werden als kindsoldaat. Vanaf 2002 het relatief rustig in Sierra Leone, al blijft de situatie voor de bevolking broos. Niet in de laatste plaats als gevolg van verschillende gezondheidscrises die het land hebben geteisterd. Behalve cholera en malaria hield ook ebola het land in haar greep.

Het land behoort tot de armste naties ter wereld; de meerderheid van de bevolking moet rondkomen van minder dan een dollar per dag.

Wat doet CARE?

Vlak na de onafhankelijkheid startte CARE voedselprogramma’s voor kinderen in Sierra Leone. Ook tijdens de burgeroorlog (1991-2002) boden we (nood)hulp en na beëindiging van het langdurige conflict startten we binnen de gemeenschap programma’s voor vredesopbouw en rehabilitatie. CARE beoogt hierbij duurzame oplossingen te realiseren. Door de onderliggende oorzaken van armoede en sociale ongelijkheid te analyseren en hiervoor een oplossing te bieden, proberen we de gemeenschap een stapje vooruit te helpen. We doen dit niet alleen door het opzetten van programma’s op het terrein van voedselzekerheid, gezondheidszorg en economische ontwikkeling. Ook onderwerpen als goed bestuur, gendergelijkheid en diversiteit kunnen binnen de programma’s krijgen de nodige aandacht.

Gezondheidszorg

CARE helpt bij de verbetering van de gezondheidszorg in Sierra Leone. Hierbij valt te denken aan de verbetering van voeding, inenten, het voorzien in behandeling van bijvoorbeeld malaria en het verbeteren van de gezondheidszorg voor (jonge) moeders en kinderen. Om dit te bewerkstellingen trainen we onder andere lokale gezondheidswerkers. Ook is nauwe samenwerking met de lokale gemeenschap, overheden en partnersorganisaties erg belangrijk gebleken tijdens de uitbraak van Ebola. Op deze manier is verdere verspreiding van het dodelijke virus tegengegaan.

Aan het woord

Hulp aan slachtoffers Ebola in 2014

Musu Sesay:
Niemand van haar gezin raakte geïnfecteerd door Ebola, maar de gevolgen van de ziekte waren ook voor Musu groot. Voor de crisis was ze samen met haar man in staat te leven van de oogst van het land en de verkoop van bananencake. Met de uitbraak van de crisis veranderde dit als gevolg van strikte reisbeperkingen waardoor ze niet meer op de markt konden staan.Musu: “Ebola is net als een geheime oorlog. De ziekte heeft niet alleen veel mensen gedood, maar heeft er ook indirect voor gezorgd dat wij niet meer voldoende te eten hebben. “