Home
Zoeken:
Sitemap Print

Voedselzekerheid door lokale voedselproductie

Eigen bedrijfje voor boeren

Op de kaart: Kolkhozabad, Tadzjikistan (Voedselzekerheid)
Tadzjikistan was de armste van alle Sovjetrepublieken. Na de onafhankelijkheid en de daaropvolgende burgeroorlog (1992-1997) is het er alleen maar op achteruitgegaan. Overal is zichtbaar dat het land nog grotendeels draait op de investeringen in infrastructuur uit de Sovjettijd. En hoewel de bevolking amper te eten heeft, staat er nauwelijks tarwe of groente op het land, maar wel katoen.

Probeer als klein boertje maar eens aan landbouwgrond te komen. Bureaucratie en corruptie zijn een sta-in-de-weg. Maar nog vaker ontbreekt het boeren domweg aan kennis en geld om zelf iets op te bouwen.

CARE Nederland helpt 5.000 boeren bij het opzetten en verbeteren van hun bedrijfjes. Hoe kom je als boer aan grond? Hoe run je zelfstandig een bedrijf? Welke landbouwtechnieken gebruik je? Dit Food Security-project van CARE Nederland adviseert over de bedrijfsvoering, maar biedt tegelijkertijd fysieke voorzieningen: verbeterde infrastructuur, het verstrekken van zaden, kunstmest en vee, en de bouw van voorraadschuren.

 

 

 

  • Locatie: district Jilikul
  • Doel: 5.000 boerenbedrijfjes opzetten/verbeteren en zo bijdragen aan de voedselproductie
  • Looptijd: januari 2006 - juni 2008
  • Status: loopt
  • Uitvoering: CARE
  • Donoren: Europese Commissie (DIPECHO)
  • Bedrag: € 720.048 (waarvan € 644.443 door de EC)
  • Begunstigden: 5.000 dekhan boeren als directe begunstigden en 20.000 mensen indirect

Begin 2006 was Harry Lamé voor CARE Nederland in de katoenproducerende regio Jilikul. “Ik was er om boeren en hun gezinnen te helpen bij het opzetten en verbeteren van hun bedrijfjes. De jarenlange en vooral slecht uitgevoerde katoenteelt heeft de grond van de eens zo vruchtbare laagvlakte sterk uitgeput. Hoewel de boeren voor de wet vrij zijn zelf te bepalen welke gewassen ze telen, zijn de oude Sovjetstructuren diep ingeslepen en worden de 'geprivatiseerde' kolchozen nog steeds gerund door de toenmalige directeur of diens zetbaas. Die heeft vaak connecties met de overheid, die zo haar eigen redenen heeft - uiteraard vooral van financiële aard - om de boeren toch te verplichten katoen te verbouwen in plaats van voedsel. Al die problemen worden in dit project van CARE Nederland bij de kop gepakt.”

De opstartfase van het project verliep niet probleemloos. Harry Lamé: “Het viel tegen om in Tadzjikistan gekwalificeerde stafleden te vinden. Daardoor konden we pas enkele maanden later gaan draaien. Maar uiteindelijk zijn we erin geslaagd om het project op de rails te zetten: het uitdenken, organiseren en implementeren van werkbare oplossingen voor de problemen waar de mensen hier mee worstelen. Kennis van de cultuur is daarbij heel belangrijk en daarom is het goed dat Ibrohim, onze Tadzjiekse projectmanager, dit project nu zelfstandig kan leiden. We gaan in 36 dorpen aan de slag. Meer en betere voedselproductie, dat is onze doelstelling. Katoen kun je immers niet eten.”

 Projecten Tadzjikistan

 

Terug
ISO 9001