Home
Zoeken:
Sitemap Print

Nieuws

16 februari 2010
Verkiezingen Burundi test

In juni vinden in Burundi landelijke verkiezingen plaats. Verkiezingen die een belangrijk testmoment vormen voor het zich sinds 2006 van etnische tegenstellingen en een vijftien jaar durende burgeroorlog herstellende land in het Grote Merengebied. Anders dan bij de verkiezingen van 2005, wordt de president dit keer niet door het parlement, maar direct door de kiezers gekozen.

Burundi werd lang overheerst door een Tutsi-minderheid. Zij werden bestreden door verschillende rebellengroepen. Sinds 1993 kwamen bij deze burgeroorlog honderdduizenden mensen om het leven. In 2005 werd, na een lange politieke overgangsperiode, de Hutu-leider Pierre Nkurunziza tot eerste president van het Centraal-Afrikaanse land verkozen. Zijn ambtstermijn eindigt in 2010.

CARE’s landendirecteur in Burundi, Michelle Carter, is niet al te optimistisch over de aanstaande verkiezingen en maakt zich zorgen over teveel focus op een vredig verloop, waarbij een eerlijk verloop van de verkiezingen uit het oog wordt verloren. Carter:”De regering van Burundi is begonnen leden van de oppositie te arresteren. Onder druk van de internationale gemeenschap worden ze wel weer vrijgelaten, maar het is duidelijk dat men probeert zoveel mogelijk blokkades op te werpen. Dat maakt dat mensen banger zijn dan vier maanden geleden.”

De meeste Burundezen zijn oorlog meer dan zat, maar dat wil zeker niet zeggen dat ze vertrouwen hebben in de verkiezingen; ze zijn er nog lang niet van overtuigd dat ze ook echt hun stem kunnen laten horen. De afgelopen maanden is er sprake geweest van toenemende intimidatie door vooral jeugdafdelingen van politieke partijen, die stemgedrag willen beïnvloeden, zoals onlangs al gebeurde in bijvoorbeeld Rwanda, maar ook bij de verkiezingen van 2005 in Burundi. Carter:”En dan is er het probleem van de stemkaarten. Veel arme mensen hebben geen identiteitskaart. Die hebben ze nodig om een stemkaart te kunnen krijgen. De verdeling van stemkaarten begint binnenkort, maar zonder identiteitskaart krijg je ook geen stemkaart. Zo worden groepen al bij voorbaat uitgesloten.”

Carter is van mening dat een van de positieve kanten van de komende verkiezingen een afgenomen focus op etnische verschillen en op regionale problemen is. Bij vorige verkiezingen was dit duidelijk anders. “Daar staat tegenover dat politici meer voor eigen gewin lijken te gaan,” stelt ze. “De laatste twee jaar, te beginnen met Kenia, zijn bijzonder slechts geweest voor het beeld van verkiezingen in Afrika. Mensen die ik spreek geloven niet dat Burundi, met al haar etnische tegenstellingen, het op het gebied van verkiezingen beter zou kunnen doen dan Kenia.”

De demobilisatie en re-integratie van ex-milities is in Burundi niet vlekkeloos verlopen. Carter: ”Sommige van die ex-milities zijn kindsoldaten en vrouwen. In een CARE-project, waarin we met vrouwelijke ex-milities werken, kwamen we tot de conclusie dat deze vrouwen niet als kok of slavin bij de milities hoorden, maar dat ze ook daadwerkelijk mensen hebben doodgeschoten. De wapens waarmee dat gebeurde zijn in veel gevallen niet ingenomen en liggen nu in veel huizen voor het grijpen. Het valt op dat er hier nog steeds heel veel geweld wordt gebruikt, onder andere ook binnen de huishoudens, tegen vrouwen. ”

CARE is al lang actief in Burundi, op dit moment onder andere via het project Inabigeda (‘Terug naar de Graanschuur’) dat bijdraagt aan het bestrijden van de voedselcrisis via een spaar-en-krediet systeem dat vrouwen in staat stelt hun agrarische productie te vergroten, de graanschuren te vullen en hun landbouwactiviteiten te commercialiseren. Via solidariteitsgroepen krijgen- voornamelijk, maar niet alleen- vrouwen op deze manier een kans tijdens de burgeroorlog opgelopen trauma's te verwerken en te werken aan zelfstandigheid en waardigheid.



Dit bericht is een aangepaste weergave van een interview dat Michelle Carter gaf. Beluister het interview via deze link.

Terug