17 april 2008 - Hevige regenval en overstromingen, veroorzaakt door La Niña, zorgden de afgelopen maanden in Bolivia voor tienduizenden slachtoffers.
Inmiddels is het dodental opgelopen tot 75 en nog steeds leven honderden mensen in opvangkampen. Het aantal slachtoffers is dit jaar groter dan de afgelopen drie jaar.
CARE deelt noodhulp uit in de provincies Pando en Chuquisaca. Hoewel niet alle gebieden door de overstromingen eenvoudig te bereiken zijn, helpt CARE ook slachtoffers in afgelegen dorpen. In gebieden waar de wegen onbegaanbaar zijn, krijgen de mensen per boot hulp aangeleverd.
Vooral de provincie Chuquisaca is zwaar getroffen. “De mensen in Chuquisaca leven van hun eigen landbouw, zowel om hun familie te voeden als inkomsten mee te verdienen. Landbouwwerktuigen zijn dus belangrijk voor hen om weer in hun eigen levensonderhoud te kunnen voorzien,” zei Chris Sykes, CARE’s Landendirecteur in Bolivia.
Slachtoffers krijgen landbouwwerktuigen, zoals pikhouwelen, schoffels, spaden, kruiwagens, en zaden voor peen en materialen voor omheiningen, zodat families kunnen beginnen met planten.
“Dankzij de grote financiële hulp van de Nederlandse en Duitse overheid zal CARE op lange termijn ook bijdragen aan de toegang tot veilig drinkwater, herstel van de vernielde infrastructuur, landbouwhulp en ramppreventie,” zei Sykes.
CARE werkt al 31 jaar in Bolivia. In 1956 gaf CARE noodhulp aan de slachtoffers van overstromingen in Beni. In 1976 ondertekende CARE een overeenkomst met de overheid van Bolivia om watersystemen aan te leggen en projecten te starten, zoals projecten op het gebied van onderwijs en gezondheidszorg. Op dit moment heeft CARE projecten in onder meer voedselzekerheid, water en sanitaire voorzieningen en ramp- en risicomanagement.
Doneer aan het CARE noodhulpfonds:
en help slachtoffers van natuurrampen en oorlogen
| CARE Internationaal | ||||