Nairobi, 24 januari 2008 – CARE neemt een leidinggevende rol bij het geven van spoedeisende noodhulp aan een aantal van de door geweld zwaarst getroffen gebieden.
“We zullen ons concentreren op de provincie Nyanza, waaronder de stad Kisumu. In deze provincie zijn wij al veel aanwezig, aangezien wij daar enkele langdurige projecten hebben lopen, net als in de grote sloppenwijken van Nairobi,” zegt Bud Crandall, Directeur van CARE Kenia, terugkomend van een tweedaags bezoek aan Kisumu. Sinds de verkiezingen van eind december is er veel geweld in Kenia.
“In Kisumu werken wij samen met partnerorganisaties en het Keniase Rode Kruis, die de leiding heeft bij het bereiken van de meeste kwetsbare mensen in de sloppenwijken. Ons eerste doel is het leveren van non-food items aan ongeveer 5.000 mensen. Ze ontvangen onder meer dekens, zeep, klamboes, keukengerei, plastic zeil, jerrycans, wateremmers en maandverband.”
Crandall merkte op dat de stad zich niet snel zal herstellen, omdat er de afgelopen weken veel schade is ontstaan. Zakenlui met een eigen bedrijf zijn vertrokken en een hoop van de achtergebleven spullen zijn geplunderd of verbrand.
In Mathare en Kibera, twee van de grootste sloppenwijken in de hoofdstad, deelde CARE afgelopen week behoorlijk wat hulp uit en bereikte zo’n 15.000 mensen. Naast de non-food items plaatst CARE drie watertanks van elk 5.000 liter. Dit is bereikt met de hulp van acht partnerorganisaties. CARE ontving donaties van Friends-of-Kenya, een Keniaas-Aziatische groep, met hulp van de organisatie Young Jains.
CARE gelooft dat het belangrijk is om kwetsbare mensen te bereiken die nog steeds in hun huis leven. Hun lokale inkomsten dalen en ze lopen het risico hun bestaansmiddelen te verliezen. Bijvoorbeeld in de sloppenwijken van Kisumu is de prijs van granen en groenten met 300 procent gestegen, terwijl inkomsten scherp dalen.
De humanitaire impact en instabiliteit door het geweld sinds de verkiezingen blijven door het hele land voelbaar. Hulp bij onderhandelingen is inmiddels onderweg met een nieuw delegatie aanzienlijke Afrikanen, geleid door de voormalige VN Genraal Kofi Annan. Hoewel van een afstand de zaken weer wat rustiger lijken te worden, is de situatie ver van normaal. Nog steeds gaat het geweld door in noordelijke delen van de provincie Rift Valley en in veel van de sloppenwijken van Nairobi. In sommige gebieden kan CARE door de onveiligheid weinig of geen hulp verlenen. Veiligheid van de medewerkers staat voorop. Het Landenkantoor moet hun normale activiteiten opschorten, zodat ze hun middelen in kunnen zetten voor de huidige crisis.
VN instanties melden dat er per dag ongeveer 1.000 ontheemden arriveren in Nakuru, in de Rift Valley. Steeds meer slachtoffers komen aan in Kisii (Zuid-West Kenia). Zij zijn aan het geweld in Kericho ontsnapt, waar afgelopen zaterdagavond zes mensen zijn vermoord en 50 huizen zijn platgebrand.
In grote delen van het land belemmert de onveilige situatie niet alleen de hulp aan de bevolking, maar ook de plant- en oogstseizoenen. “Op de lange termijn zal de veiligheid een belangrijk punt worden,” zegt Ngugi Chege, Adjunct-Directeur Programma’s van CARE Kenia. “We moeten vooruit denken en de boeren zaden en landbouwwerktuigen geven, zodat ze in februari en maart kunnen planten, wanneer het plantseizoen behoort te starten.”
| CARE Internationaal | ||||