Het aantal mensen dat in extreme armoede leeft is gedaald van 1,8 miljard in 1990 naar 1,4 miljard in 2005. In procenten van de bevolking in ontwikkelingslanden is dat een daling van 41,7 procent naar 25,7 procent. Als dit tempo zich voortzet, zal een halvering van dit percentage in 2015 en dus deze doelstelling worden gehaald.
De vooruitgang is echter zeer ongelijk verdeeld over de wereld. In Oost- en Zuidoost-Azië is de armoede in een hoog tempo afgenomen. Dit is vooral toe te schrijven aan de sterke economische groei in China. In Sub-Sahara Afrika nam het gedeelte van de bevolking dat onder de internationale armoedegrens leeft af van 55,7 in 1990 tot 50,3 procent in 2005. Door de sterke bevolkingsgroei is echter het aantal armen tussen 1990 en 2005 met 100 miljoen toegenomen. En hoewel het percentage armen in India van 51 procent naar 42 procent is gezakt, leefden er in India in 2005 nog altijd 20 miljoen mensen meer in armoede dan in 1990. |