Etalageproject Congo Lees Landeninformatie
|
Congo heeft de slechtste levenskwaliteit De Democratische Republiek Congo is volgens de Human Development Index het land met de slechtste levenskwaliteit. Op de jaarlijkse ranglijst, die wordt samengesteld door het Ontwikkelingsprogramma van de Verenigde Naties (UNDP), heeft Congo dit jaar de rode lantaarn overgenomen van Zimbabwe. De lijst omvat 187 landen. Ter vergelijking: Nederland eindigde dit jaar als derde op de ranglijst. Alleen in Australië (2) en Noorwegen (1) is het beter toeven. Maar er is hoop… Bij de presentatie van de nieuwe lijst, begin november in New York, werd gesteld dat de landen in het laagste kwart van de index nu 82 procent beter scoren dan 40 jaar geleden. Gezien de huidige situatie is bijna niet voor te stellen dat Kongo ooit – rond 1400 – een machtig koninkrijk is geweest. Maar waar ander Afrikaanse landen, zoals Benin, door de inkomsten uit de slavenhandel floreerden, werd het voor Kongo de ondergang. Veel Kongolezen werden door Europese handelaars als slaaf weggevoerd. In 1885 werd Kongo, of volgens de toenmalige spelling: Kongo, op de Conferentie van Berlijn toegewezen aan koning Leopold II van België, die er zijn persoonlijke bezit van maakte en het land Kongo Vrijstaat noemde. Door rubberteelt en uitbuiting van de bevolking verdiende hij fortuinen aan de kolonie. In twintig jaar tijd kwamen 5 miljoen Kongolezen om het leven en onder internationale druk moest de koning in 1908 de kolonie aan de Belgische staat overdragen. Het land werd omgedoopt in Belgisch Kongo, er brak een periode van economische en maatschappelijke vooruitgang aan en het bestuur, hoewel erg koloniaal van karakter, verbeterde. Na de onafhankelijkheid in 1960 wordt de spelling van de landnaam gewijzigd in Congo en wordt de poltiek van het land tot 1997 sterk beïnvloed door de koude oorlog. Zo zijn Amerika en België in 1961 betrokken bij de afzetting van minister-president Lumumba, uit angst dat de Sovjet-Unie teveel invloed zal krijgen in Congo. Mobutu neemt zijn plaats in, zet in 1965 president Kasavubu af en roept zichzelf uit tot staatshoofd. Er breekt een periode van relatieve rust aan, maar ook een periode waarin corruptie welig tiert, mensenrechten worden geschonden en Mobutu zichzelf schandalig verrijkt. In 1971 wordt het land omgedoopt in Zaïre. Op 20 mei 1997 was het gedaan met Mobutu. De koude oorlog is voorbij en ‘dus’ ook de Amerikaanse belangstelling voor het land. Op die dag, na een voettocht van 3.000 kilometer, bereiken de soldaten van de Alliantie van Democratische Krachten de Zaïrese hoofdstad Kinshasa en hun leider Kabila neemt twee dagen daarna de macht van Mobutu over. De rust keert er echter niet mee terug. De etnische onlusten en burgeroorlog die in 1994 is ontstaan, mede door de toestroom van vluchtelingen uit Rwanda en Burundi, verergert in 1998 zelfs. Met steun van Rwanda en Oeganda proberen rebellen dan tevergeefs om Kabila af te zetten. In 2001 wordt Kabila alsnog bij een mislukte staatsgreep vermoord en zijn zoon Joseph volgt hem op. Nadat hij in 2002 een akkoord met de rebellengroepen en oppositie heeft gesloten, wordt een overgangsregering gevormd in afwachting van democratische verkiezingen in 2006. Daarbij ging de strijd vooral tussen Kabila en Bemba en beslecht, na twee onrustige verkiezingsrondes, door de eerste. In de periode 1998 – 2006 zijn circa 4 miljoen mensen als gevolg van de burgeroorlog omgekomen en nog is het niet voorbij. Ondanks een democratisch gekozen regering blijven rebellengroepen tot op de dag van vandaag voor moorden, verkrachtingen en plunderingen zorgen, vooral in Oost-Congo, waar ook het UMOJA project wordt uitgevoerd. 28 november 2011 zijn er opnieuw verkiezingen in Congo. In de Democratische Republiek Congo zijn op dit moment 1,9 miljoen vluchtelingen en ontheemden. De ontheemden, mensen die binnenlands op de vlucht zijn, vormen met ruim 1,7 miljoen de ruime meerderheid. Een paar verschillen op een rijtje
Bron: Verenigde Naties |
|
Terug naar het project | Kijk | Lees | Doe I Actueel |




