behoud mangroves beninTerug naar project

De mensen zijn bang voor opnieuw een ramp

Door: Anneke Verbraeken voor Radio Nederland Wereldomroep

Benin, 28 juli 2011. Het water in de Ouémé rivier in Benin begint weer te stijgen. Kinderen zijn bang als de dood. Volwassenen repareren hun boten. De overheid wijst de hoger gelegen, veilige gebieden aan en deelt laarzen uit. In oktober 2010 werd Benin getroffen door de ergste overstromingen in 50 jaar en de mensen worstelen nog steeds met de gevolgen.

De mensen langs de oevers van de Ouémé rivier hebben alleen wat kleren, kookpotten en visgerei. Hiermee moeten ze zien te overleven. Visser Michel Anton: “We hadden zoiets nog nooit gezien. Het water bleef maar stijgen. We moesten vluchten en hadden geen tijd onze spullen te pakken. We dachten alleen aan onze kinderen. We deden een touw rond hun enkel of middel, zodat ze niet door de stroming meegesleurd konden worden. We verloren al onze bezittingen.”

Door de overstromingen die in oktober 2010 West- en Cantraal-Afrika troffen, verloren meer dan 800.000 mensen hun huizen en honderden verloren het leven. Benin en vooral de mensen die langs de Ouémé wonen, werden het hardst getroffen. Ieder jaar, rond september en oktober, wordt het gebied overstroomd. De mensen zijn eraan gewend, hebben boten en de huizen staan op palen. Maar vorig jaar kwam het water tot aan de daken. Dorpsoudste Goudoné: “Ik zag wanhopige moeders hun kinderen omklemmen. Ze wisten niet waar ze te laten, want om hen heen was alleen maar water. Ik zag ouderen verdrinken, omdat ze te moe waren om nog langer te staan. We hielpen waar we konden, maar waren soms te laat. We proberen nu ons leven weer op te bouwen, maar we zijn arm. Voedsel is schaars. Nu het water weer stijgt, zijn de mensen bang voor een nieuwe ramp in september of oktober.”

De situatie in de Aguégés regio is ook een jaar na de ramp nog steeds slecht. Een maaltijd per dag is een luxe. Steeds meer mensen hebben cholera en gevaar van een nieuwe epidemie ligt op de loer. De sanitaire situatie is verschrikkelijk: mensen drinken het water van de rivier, terwijl ze er ook in plassen en poepen. De dorpen zijn bedekt met water en modder, een ideale broedplaats voor de malariamug. Als gevolg van de overstromingen zijn families uiteengevallen en kinderen getraumatiseerd geraakt.

De bevolking van Aguégés is volledig afhankelijk van vis en dat is vandaag de dag een groot probleem. Vis wordt schaarser en schaarser. De hoeveelheid was al afgenomen door de bouw van een dam op de grens met Togo en het kappen van de mangrovebossen. De resterende vis is na de overstromingen met het wegtrekkende water mee naar zee afgevoerd. Nu is er nog nauwelijks vis in de rivier en de mensen hebben de grootst mogelijke moeite om zich minstens één maaltijd per dag te kunnen veroorloven.

Internationale hulporganisaties onderkennen het probleem en proberen, samen met de dorpsgemeenschappen, alternatieve inkomstenbronnen te ontwikkelen. Dat is echter niet eenvoudig, want visserij is al vele generaties de enige manier om geld te verdienen.

Ten tijde van en na de overstromingen organiseerden de Verenigde Naties een luchtbrug om de getroffenen van tenten en voedsel te voorzien. CARE was één van de meest actieve organisaties in het rampgebied. “Na de eerste urgente hulp met water en voedsel, verwacht de bevolking dat we doorgaan met die hulpverlening,” vertelt de directeur van CARE Benin. “Ze zijn teleurgesteld omdat ze geen maïs en bonen meer krijgen. In plaats daarvan proberen we nieuwe projecten op te zetten, zoals oester- en krabbenteelt. En ook het herstel van de mangrovebossen is voor ons een prioriteit. Ze zijn de kweekgronden voor de vis en daarom uiterst belangrijk.” 

De burgemeester van Aguégés heeft een noodplan gemaakt en plaatsen aangewezen waar de mensen veilig zijn als hun huizen weer onder water komen te staan. Ook heeft hij laarzen uitgedeeld, maar meer kan hij niet doen. Er is geen geld. Benin is één van de armste landen ter wereld.

Terug naar het project   |   Kijk   |   Lees   |   Doe   I   Actueel