Dagboek uit DRC deel 3
’s Avonds, voor ik ga slapen, mijmer ik over de dag die voorbij is gevlogen en wat ik van het UMOJA project heb gezien. Ik ben overweldigd door de bijzondere mensen die ik heb ontmoet. Door de kracht en energie die mensen hier uitstralen, in dit door oorlog en armoede verscheurde gebied. Waar halen mensen de goedheid vandaan om vluchtelingen te verwelkomen, terwijl ze zichzelf amper staande kunnen houden? Verwelkomen, dat is iets waar men hier bijzonder goed in is.
In ieder dorp dat ik bezocht was de ontvangst waanzinnig. We werden opgewacht, begeleid en uitgezwaaid door een juichende, zingende en dansende menigte. [zie video] Terwijl ik me een popster voelde, gooiden vrouwen bloemen over ons heen en probeerde de dorpsoudste iedereen stil te krijgen zodat hij een speech kon houden. Dat lukte alleen in zijn kantoortje.
Met een karakteristieke formele stem las hij de speech voor die hij speciaal voor ons bezoek had geschreven, en die met stempel en handtekening werd bezegeld. De mooiste passage: “Uit naam van de gehele bevolking van Buabo in het algemeen, en mijn eigen naam in het bijzonder, zijnde Albert Ndaanirwa, de traditionele chef van dit gebied, feliciteer ik u met het goede werk dat u heeft geleverd. Met uw hulp is de solidariteit versterkt tussen hostfamilies en families van ontheemden. Dat God u moge belonen, want sinds uw activiteit hier bij ons is in het dorp de liefde heropgebloeid.”
De liefde doen heropbloeien... ik wist niet dat dat ook deel van CARE’s werk is, maar ik vind het prachtig. Het bizarre enthousiasme van de mensen in het dorp doet me vermoeden dat iedereen het met hun chef eens is. Men zong: “We verwelkomen de bezoekers!”, “CARE is humaan!” en “Ik ben overweldigd van vreugde!” Ik vroeg de chef waar we dit welkom aan te danken hebben, en zei dat het eigenlijk te veel eer is. Maar hij schudt heftig zijn hoofd. “Het is niet te veel. Iedereen is CARE ongelooflijk dankbaar omdat jullie ons in deze moeilijke tijden helpen. Bovendien is CARE de eerste en enige die de solidariteitsfamilies helpt.” Naast me straalt mijn collega Michael van trots. Hij zegt: “Hier zouden de politici een voorbeeld aan moeten nemen. In plaats van loze beloftes te doen, moeten ze mensen gewoon geven wat ze nodig hebben. Dan worden ze vanzelf geliefd.”
Mijn gedachten gaan terug naar Daima, de jonge vrouw die voor geweld op de vlucht heeft moeten slaan en bij een host-familie onderdak vond. Natuurlijk is de hulp klein, afgezet tegen de ellende die zij en haar jonge gezin hebben meegemaakt. Een simpel onderdak, wat kleren en keukengerei, en een latrine compenseren niet het leed dat de burgeroorlog over deze mensen uitstort. Maar van de andere kant is me ook duidelijk geworden dat de betekenis van Umoja verder gaat dan het materiële. Mensen weten dat ze er in deze moeilijke tijden niet alleen voor staan. Bovendien gaat UMOJA niet alleen over de hulp van CARE, maar het wakkert ook de solidariteit van mensen onderling aan. Of, in de woorden van de traditionele chef van Buabo: het doet de liefde heropbloeien...
Tekst en foto's: Arthur Molenaar (CARE Nederland)
Arthur Molenaar is Programme Officer bij CARE Nederland. Eind februari bezocht hij DRC in het kader van het UMOJA-project.




